Om je te helpen met inschatten wat je huidige niveau is van dalen, klimmen, conditie en lawinekunde kennis, kan je deze verschillende niveaus gebruiken:
Dalen
- Toerist: Je skiet of boardt stabiel van rode en zwarte pistes, maar in de poeder blijft het bij een beetje spelen en proberen.
- Beginner: Je skiet of boardt stabiel op alle soorten pistes (incl. Buckelpistes) en skiroutes. In niet te steil (<30°) en overzichtelijk terrein kun je off-piste prima uit de voeten.
- Gevorderd: Je skiet of boardt stabiel in alle omstandigheden op alle soorten pistes (incl. Buckelpistes) en skiroutes. In off-piste kun je tot 35° rijden onder goede omstandigheden. Ook traversen, couloirs en rijden tussen bomen lukt best aardig. Met sommige sneeuwsoorten, zoals karton sneeuw (bruchharsch) heb je nog wel moeite.
- Expert: Je kan in alle sneeuwomstandigheide steile hellingen afkomen (< 40°), en kan met goede condities ook nog wat technischer terrein (< 45°) opzoeken.
- Elite: In alle omstandigheden off-piste (zoals steil terrein, slecht zicht en moeilijke sneeuw) kun je stabiel en zeer zeker rijden. Je hebt ook de ervaring die nodig is om hoog alpien terrein te verkennen op ski’s.
Klimmen
- Toerist: jij hebt geen zin om te klimmen, waarvoor denk je dat die liften gebouwd zijn?
- Beginner: Je kan een korte en vlakke hike in de buurt van de lift aan.
- Gevorderd: Je hebt de capaciteiten om in terrein tot 28° recreatief zelfstandig te touren of te hiken.
- Expert: Je beschikt over specifieke tourtechnieken zoals ‘spitzenkehren’ en afdalen op vellen. De helling wordt niet steiler dan 38°.
- Elite: Je beschikt over uitmuntende tour-technieken en hebt daarnaast kennis over het gebruik van ijsbijl en stijgijzers en basis touwtechnieken. De helling wordt niet steiler dan 45°.
Conditie
- Toerist: Je conditie is niet al te best. Het kost moeite om een piste in één keer af te dalen en aan het einde van de dag zijn je bovenbenen volledig op.
- Beginner: Je hebt voldoende conditie om een dag op de piste goed door te komen, maar rijden buiten de piste is toch wel een ander verhaal. Je moet vaak stoppen om weer op adem te komen.
- Gevorderd: Je hebt voldoende conditie om een dag in het terrein goed door te komen. Daarnaast heb je ook voldoende conditie om een hike tot 30 minuten te maken, in diepe sneeuw bergop.
- Expert: Je kan langere dagtochten maken, en kan een aantal uur (max 5) omhoog lopen op vellen.
- Elite: Je hebt een ijzersterke conditie. Meerdaagse toertochten zijn geen probleem en voor een specifiek tocht hoef je niet veel bij te trainen.
Kennis
- Toerist: Je kent misschien wel wat termen uit het lawinebericht, maar je hebt nog geen lawinekunde gehad in een cursus.
- Beginner: Je snapt wat het cijfer in een lawinebericht betekent, kunt met steilheid van een helling bepalen (zowel op een kaart als op de berg zelf) en snapt wat alarmtekens in het terrein zijn. Je hebt eerder uitleg gehad over lawinekunde in een cursus. Je werkt met een stop-or-go methode en blijft alert op groepsprocessen.
- Gevorderd: Je snapt het lawinebericht goed, kunt met exposities werken en snapt wat alarmsignalen in het terrein zijn. Je weet perfect hoe je een redding moet uitvoeren (zoeken, sonderen, uitgraven en eerste hulp). Je hebt meermaals in een cursus-omgeving kennis gemaakt met lawinekunde.
- Expert: je beheerst de complete methode van Munter, kunt spelen met alle mogelijkheden, maar ziet ook de risico’s van alle keuzes. Je hebt geoefend met multiple-burrial scenarios, en weet hoe je ter plekke het sneeuwdek kan analyseren.
- Elite: Je bent bijna non-stop in de bergen. Je bent vertrouwd met allerlei gevaren en redding technieken, zowel op een ‘normale’ als op een gletsjer. Je bent een expert op het gebied van weer, lawines, navigatie, EHBBO, groepsdynamiek en reddingsacties. Je beheerst elementaire alpine technieken met touw, stijgijzers en pikkel.

